Contents :
Interview met Carel Jansen door Judith Mulder (in: Tekstblad 9 2 2003) Be wise condomise AIDS-voorlichting in Zuid-Afrika stuit op diepgewortelde cultuurverschillen Carel Jansen (1952) bekend van vele publicaties op het gebied van instructieve communicatie heeft zijn grenzen verlegd. Als hoogleraar Bedrijfscommunicatie aan de Letterenfaculteit van de KU Nijmegen is hij zich meer en meer gaan verdiepen in interculturele communicatie. Het gesprek vindt plaats op zijn kamer in het Erasmusgebouw. Muziekje van Roy Orbison op de achtergrond mini-teeveetje stand-by om belangrijke voetbaltoernooien te kunnen volgen ordelijke hangmappenkasten waaruit hij tijdens het gesprek regelmatig een artikel of rapport tevoorschijn trekt om zijn beweringen te staven met cijfers details of andere wetenswaardigheden. Onderwerp van gesprek: AIDS-voorlichting in het multiculturele Zuid-Afrika. Terug naar 1996. Carel Jansen en collega Frank Jansen (beiden Universiteit Utrecht in die tijd) werden gevraagd als docent voor een werkswinkel bedoeld voor docenten aan departementen Nederlands/Afrikaans van verschillende Zuid-Afrikaanse universiteiten. Wat was de aanleiding Jansen: Door de culturele boycot tijdens de apartheidsperiode hadden deze docenten geen enkel contact meer hadden gehad met de Neerlandistiek zoals die in Nederland en Vlaanderen wordt bedreven. Sowieso waren ze door de situatie in die periode heel erg gericht geraakt op ontwikkelingen binnen Zuid-Afrika. Die docenten zelf hun universiteiten maar ook de Nederlandse Taalunie (die de werkswinkel financieel mogelijk maakte) vonden het belangrijk deze informatie-achterstand zo snel mogelijk ongedaan te maken. Samen met andere neerlandici gaven we vierdaagse werkswinkels in Stellenbosch en Johannesburg. Onder meer over Nederlands als tweede taal maar voor een belangrijk deel ging het ook over taalbeheersing en communicatiekunde. Dat sloot heel goed aan bij de nieuwe ori ntatie waar de cursisten naar zochten. Tot dat moment hielden ze zich bezig met traditionele taal- en letterkunde. De belangstelling van studenten voor die vakken nam sterk af. Er was meer animo voor opleidingen waar je direct mee aan de slag kunt in het nieuwe Zuid-Afrika. Ook bestond er een zekere politieke druk om zogenaamd uitkomstge ri nteerd onderwijs te gaan geven waarbij de doelstellingen van de opleiding veel concreter geformuleerd waren. Dus belangstelling voor communicatiekundige elementen in de opleidingen Nederlands en eerlijk gezegd vooral in de opleidingen Afrikaans. Gemeenschappelijk Jullie brachten een nieuw vakgebied naar Zuid-Afrika. Viel er voor jullie zelf ook wat te leren Jansen: Heel veel. Gelukkig was het geen eenrichtingsverkeer. Zo slecht als onze ZuidAfrikaanse collega's ge nformeerd waren over wat er in de laatste decennia in Europa gebeurd was zo weinig wisten wij over hetgeen er in Zuid-Afrika gaande was. Bijvoorbeeld op het gebied van interculturele communicatie. Als er n onderzoeksgebied erg actueel was en is is het dat wel. De problematiek wordt daar veel concreter gezien. Voor een Nederlandse letterenfaculteit zit er nog afgezien van het prachtige landschap en het aangename weer iets erg aantrekkelijks in samenwerking met Zuid-Afrika: de gemeenschappelijke voorgeschiedenis. Het Afrikaans heeft veel overeenkomsten met het Nederlands en is daarmee uniek voor talen die buiten Europa worden gesproken. Ook in de cultuur voor zover je in Zuid-Afrika over d cultuur kunt spreken zit veel herkenbaars voor Nederlanders en Vlamingen. Daarbij komt: Zuid-Afrika is een soort combinatie van een eerstewereld- en een derdewereldland. De kwaliteit van de infrastructuur en het onderwijs en onderzoek is ontzettend hoog vergeleken bij die in andere landen met veel derdewereldelementen. Dat vergroot onze mogelijkheden om vanuit Nederland bij te dragen aan de verbetering van de leefomstandigheden in Zuid-Afrika. Unieke samenwerking: EPIDASA De werkswinkels kregen een vervolg. De vakinhoudelijke gesprekken werden steeds concreter. Dat resulteerde in 2002 in het gezamenlijke onderzoeksproject EPIDASA: Effectivity of Public Information Documents on AIDS in South Africa. Vanuit Zuid-Afrika nemen de Universiteiten van Suid-Afrika Stellenbosch en Pretoria deel vanuit Nederland de Universiteiten van Nijmegen Tilburg en Twente. Regelmatig studeren nu studenten uit Nederland af in Zuid-Afrika en er is een aantal promotietrajecten van Zuid-Afrikaanse promovendi gestart. De belangrijkste onderzoeksvraag is: welke keuzes in inhoud vorm en formulering leiden tot een grotere effectiviteit van voorlichtingsteksten over HIV/AIDS voor de diverse culturele en demografische doelgroepen in Zuid-Afrika In vijf deelprojecten worden experimenten opgezet rond vragen als: hoe werken fear appeals voor verschillende culturele groepen op welke morele en sociale waarden kan worden ingespeeld om mensen over te halen zich te laten tes
- Rating :
- Surf Anonymously!
- File Type : .pdf
- Length : 4 pages
- File Size: 27.3 kb
- Virus Tested : No
- Verified : 2012-03-14
- Source: www.epidasa.org
INFO HASH : a5b37cf3bd901de95d0bb634ccab3442e8cce00b
blog comments powered by Disqus

Download now