Contents :
Afschaffing van het cultuurpact. Een pleidooi voor diversiteit openheid participatie en betrokkenheid. Advies van de Raad voor Cultuur De Commissie Cultuur Sport Jeugd en Media van het Vlaams Parlement stelde volgende vraag aan de Raad voor Cultuur: Wat is de visie van de Raad op het cultuurpact en een eventuele actualisering ervan Wat zou volgens de visie van de Raad een goede actualisering zijn In het korte tijdsbestek dat aan de Raad voor Cultuur wordt geboden is het moeilijk een zeer gedetailleerd antwoord te verstrekken. De Raad wil zich daarom beperken tot een aantal globale aandachtspunten die wellicht inspirerend kunnen zijn voor (eventuele) parlementaire werkzaamheden. De commentaar bij het cultuurpact(de cultuurpactwetgeving) en vooral bij de toepassing ervan heeft in het voorbije decennium meermaals een ruime maatschappelijke aandacht gekregen. Onverdeeld gelukkig waren diverse actoren (politici cultuurinstellingen gebruikers participanten) niet met de toepassing van het pact. Waar het pact initieel wou bijdragen tot de bescherming van ideologische en filosofische minderheden is het vlug verworden tot een instrument van (partij)politisering in het culturele landschap. Deze vaststelling liet ook de politieke wereld niet onberoerd. Voor een goed overzicht verwijzen we naar Verzuiling ontzuiling en het cultuurpact (verslag van de werkzaamheden van de Werkgroep ontzuiling in de Vlaamse Raad) ((stuk 737 (1994-1995) nr. 1)). In het voorstel van resolutie (van de heren M. Van Peel L. Hanck A. Denys H. Lauwers en J. Geysels) betreffende de toepassing van de beginselen van non-discriminatie en gewaarborgde inspraak werd een eerste reeks van voorstellen geformuleerd om alvast in de toepassing van de cultuurpactwetgeving te vertrekken van een aantal nieuwe beginselen. ((Vlaamse Raad stuk 677 (1994-1995)). Het ging hierbij over een voorstel om uitsluitend te werken met de notie gebruikers en deskundigen andere inspraakformules te erkennen naast de adviesorganen de beheersformules in het kader van de culturele infrastructuren instellingen en diensten te herzien en tenslotte te verwijzen naar het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden. In het laatste decennium werd met enige regelmaat gepleit voor een andere benadering van het cultuurpact. Waar sommige (politieke) partijen een resoluut pleidooi hielden voor een wijziging laat staan afschaffing van het cultuurpact bleven andere maatschappelijke organisaties tezelfdertijd afdwingbare garanties eisen voor de participatie van minderheidsgroepen aan het cultuurbeleid. Tegen deze achtergrond doet de Raad voor Cultuur volgende suggesties in verband met de actualisering van de cultuurpactwetgeving: 1. De cultuurpactwetgeving is vooralsnog een federale materie. Dit is een anachronisme vermits in ons staatsbestel de culturele materies tot de exclusieve bevoegdheid behoren van de gemeenschappen. Op federaal niveau moet de bevoegdheid over het cultuurpact aan de Vlaamse de Franse en de Duitstalige gemeenschap toegewezen worden. Dit is de eerste essenti le voorwaarde. Advies C 02/05 goedgekeurd op 15 maart 2005 1 2. Eenmaal dit gerealiseerd kan het oorspronkelijke wettelijke kader vervangen worden door een aangepaste (decretale) regelgeving. We opteren voor de creatie van een nieuw regelgevend kader waarin een aantal bekommernissen van het oude cultuurpact in een nieuwe vorm worden opgenomen. 3. In deze regelgeving worden een aantal wezenlijke democratische opties verduidelijkt die beogen dat onze gemeenschap garant staat voor openheid verscheidenheid participatie en betrokkenheid. Deze principes met name kennen een dynamische invulling op alle maatschappelijke terreinen inzonderheid op het vlak van het cultuurbeleid. We omschrijven de nieuwe principes waarbij we de non-discriminatie van ideologische en filosofische minderheden evenals het feit dat de overheid de burger moet betrekken bij het cultuurbeleid door middel van inspraak en (mede)beheer blijven onderschrijven. 4. Het (sociaal-) culturele aanbod dat de overheid organiseert of subsidieert moet streven naar openheid en verscheidenheid en moet participatie en betrokkenheid stimuleren zodanig dat alle bevolkingsgroepen en individuen er toegang toe hebben. 5. Strategische beleidskwesties rond het cultuurbeleid worden voor de verschillende beleidsniveaus voorgelegd aan de ge igende adviesorganen. Deze adviesorganen worden samengesteld uit representanten van het maatschappelijk middenveld waar nodig aangevuld met representanten van andere cultuuractoren en ge ngageerde deskundigen. Bij de samenstelling van adviesorganen wordt gezorgd voor diversiteit kwaliteit en deskundigheid. Aan de mandatarissen wordt niet gevraagd naar hun partijpolitiek engagement 6. Het beheer van culturele instellingen moet eveneens ge nt zijn op diversiteit kwaliteit en deskundigheid. 7. Bij niet-naleving van de regels kunn
- Rating :
- Search Skype/AIM!
- File Type : .pdf
- Length : 2 pages
- File Size: 67.8 kb
- Virus Tested : No
- Verified : 2012-03-25
- Source: fov.be
INFO HASH : 91b7a094ce5511b818f92081e4e31bcb58cd7847
blog comments powered by Disqus

Download now